Author Archives: perhapshand

#wijvenweek: De kunst van het gemolken worden

Bekentenis & mening in één, en ook wel eentje waar ik meestal zo’n grote zwarte balk van zelfscensuur overheen sla: ik heb El idioot lang borstvoeding gegeven.

Veel meer uit luiewijven- en praktische redenen dan uit overtuiging. Ik heb er om die redenen ook vrij veel over gepraat, opgezocht en gelezen. Weinig onderwerpen die onder moeders zo veel online discussies opleveren. Maar ik heb nu nr. 2 aan de borst en m’n tieten blijven jeuken van alle plechtige prekerigheid en half-godsdienstige onzin die je zwanger of pas bevallen moet aanhoren en voor lief moet aannemen.

Mijn 2 centen dus, bij deze:

Een doorsnee baby eten geven werkt ongeveer net zo als een doorsnee baby maken.

Iets minder leuk wellicht plus nog een paar minor verschilletjes, but still; zelfde hormoon, zelfde clichés over de eerste klungelige keer, over chemie, zelfde vanzelfsprekendheid en wat mij betreft zelfde moeidudernimee. Je kind eten geven is een lichaamsfunctie zoals een andere. Wie de test wil doen vergelijkt in een gemiddeld vrouwenblad en moederforum de tips om klaar te komen maar ‘ns met de tips om meer melk te kolven. Wissel om. Sta versteld. Lol verzekerd! Toch is er zelden iemand voor dié eerste keer met z’n tweeën naar een powerpointvoorstelling in het ziekenhuis geweest, of gezellig naar pakweg theeslurpende lotgenotencafés. Kunnen we naast bedgeheimen, ook niet zoiets als babygeheimen introduceren? Ik ben even kwijt hoeveel duzenden jaren mensheid ons vooraf ging, maar deden al die neanderthaalse en nerovingische en euh al die andere slechtgeklede moeders al dat lacteren ook niet gewoon quasi vanzelf?

En lukt het je laten melken niet of ligt het je om welke reden dan ook niet, dan laat je het toch gewoon? Hoog tijd om wat liever voor elkaar te zijn. Want waar moeit iedereen zich mee zeg. Ik ben geen dokter of vroedvrouw of lactatiedeskundige of watdanook maar als je op tijd flesjes introduceert kan het die baby volgens mij weinig schelen. De WHO-normen waarmee je om de oren geslagen wordt zijn er dacht ik vooral voor moeders die niet de keuze hebben tussen 12 soorten bronwater en 25 soorten hypergecontroleerd melkpoeder, of die om andere redenen beter niet zelf gaan mengen en steriliseren.

Bekijk het zo: het is toch beledigend voor de hongerige kindjes in Afrika om samen met je baby af te zien (jij uitgeput, baby honger, miserie all over) terwijl je gewoon naar de apotheker kan fietsen en je kind binnen het half uur een volle fles lauwe goedheid kan geven?

Van zodra je zwanger bent, krijg je Maria en een legertje aan vruchtbaarheidsgodinnen op je hielen. En ik heb het wel een beetje gehad met die miepen. Niets minder dan heiligheid zul gij nastreven als gij het waagt u voort te planten. Relatief beperkt medisch onderzoek heeft ons voorlopig nog grotendeels het advies ‘doe maar niets leuks meer dan kan het zeker geen kwaad’ opgeleverd. Van zodra je twee streepjes op dat stokje plast word je voor zij die de regels uitschrijven vóór alles broedmachine. Die bij voorbaat en zonder sluitend wetenschappelijk bewijs in alles hoort te schrappen. Als teken van opoffering en toewijding en dies meer. Adios common sense. Hello plekken als zappybaby.be, waar we elkaar met plezier met allerhande advies kleineren.

Voorbeeldje dat mij frappeerde: het geneesmiddel Zantac bevat in veel gebruikte siroopvorm 7,5% alcohol. Toch wordt die Zantac en masse langdurig voorgeschreven aan kleine baby’s met reflux – hoewel erg pijnlijk en heel zielig meestal geen levensbedreigende aandoening. Moedermelk bevat ongeveer evenveel alcohol als het bloed. Na 3 glazen wijn is dat dus zo’n 0,008% alcohol.  En toch voel ik me nu wel weer bijna verplicht om watertjes en nog meer watertjes te bestellen.

Wel den boom in met die heilige moederigheid. Geef mij maar gewoon m’n wijntje, en m’n koffie, en voor de kleine moedermelk als hij honger heeft. Omdat dat voor ons toevallig het beste werkt momenteel. En hoe minder ik me zorgen maak, hoe beter dat dat kind eet. Dus doe me een plezier, en moeidudernimee?

#wijvenweek: te oud om te leren

Ik dacht #wijvenweek lieflijk te misbruiken om van deze blog een blog te maken, en niet alleen een schoolvergelijkingssite. Maar het is nog maar begonnen en ik kan al niet meer meedoen zeg.
Ik zie er namelijk altijd hetzelfde uit. De ene keer nog verfrommelder dan de andere, maar that’s it. Een borstel, heet water en een dagcrème en dan hebben we het wel weer gehad ‘ s ochtends. Niet dat ik niet zou willen, af en toe. Ik heb eindeloos veel respect en allround bewondering voor de beter beschilderde medemens. En diens dagindeling, vooral. Wanneer doen jullie al dat verfijnde bijkleuren en geraffineerd poederverspreiden toch? En hoe komt het dat het ook nog ‘ns zo mooi een hele dag blijft zitten? Ik vind het tegenwoordig al een prestatie om m’n héle kop gekamd te hebben én kleren aan te hebben zonder schouders vol oude babykots.
Ik zou ook niet weten hoe eerlijk gezegd. Van El een leeuw maken, of iets idioots doen met blush voor een verkleedfeestje: can do. Make-up like a lady: nope. Zelfs niet een klein beetje. Ergens heb ik de cursus gemist, het meisjes-onder-elkaar-aan-de-spiegel, het tijdschrift met stap-voor-stap fotoreportages.
En nu is het te laat. Ik ben veel te oud om er nog als een oefenende tiener uit te willen zien.
Wat een vicieuze cirkel is: als er in de inno’s van deze stad al eens een dametje make-up sessies zit te doen kan ik nog zo verveeld in de buurt van haar exotisch ruikende standje rondhangen: een ongeschminkt iemand aanspreken wil ze niet. Zelfs niet voor een demo van een half gezicht. En workshops en cursussen galore in Gent, maar make-up voor beginners? No such thing.
Ik ga nu dus al die andere wijvenweekposts van de dag lezen, in de hoop dat ik daar iets kan bijleren. Excuse me.

Zeg niet zomaar school tegen het dagverblijf

El gaat ondertussen naar school. Ik was er ondersteboven van hoe graag, en hoe onwaarschijnlijk flink hij is. Op school zelf dan. Want er is één ding dat we in onze zoektocht volledig over het hoofd gezien hebben: het dagverblijf.

Ik weet niet hoe het zit in andere scholen, maar bij (alle? weet iemand dat?) Gentse stadsscholen werkt het zo: kinderen zitten tijdens de officiële lesuren in de klas bij hun juf. Alles wat daarbuiten valt, dus ook de ochtend, anderhalf uur middagpauze en alles na ongeveer halfvier zijn ze voor het dagverblijf. Also known as: Stibo (stedelijk initiatief voor buitenschoolse opvang). Bovendien is het alleszins bij El op school zo dat kindjes die nog een middagdutje doen, daarna gewoon in het dagverblijf blijven.

Wat er in de praktijk op neerkomt dat El tussen 8u20 en 17u in het schoolgebouw maar dik drie uur op school doorbrengt. De rest van de tijd zit hij in hetzelfde gebouw bij andere mensen van een volledig andere organisatie.

Continue reading

Montessorischool De Klimop

Maria Montessori

  Schoolsecretariaatstem: “Een bezoek? Voor een nieuwe kleuter? Euh. Ik ga daar niet over, maar ik zal het navragen en dan bellen we u terug!”

 Een halfuur later:

 “Er is me gezegd u te zeggen dat het 24 februari opendeurdag is. Dus u kan dan komen”

Ikke, beetje verbaasd: “Da’s over 2 maanden. Het is niet mogelijk om eerder al ‘ns langs te komen?”

“Euh. Er is me gezegd u te zeggen 24 februari. In de namiddag”

Die 24 februari hebben we gemist. Montessorischool De Klimop hebben we dus nooit bezocht. Deels omwille van ervaringen die andere ouders met ons deelden.

En ook wel omwille van dat verveelde jongetje dat aan onze deur kwam bellen, met de vraag om ‘m te sponsoren. voor Haïti geloof ik. “Mjah sorry ik vind ‘t zelf ook stom. Maar het is een katholieke school hé. We moeten bijna elke maand geld inzamelen voor iets. Dus tjah. En ik moet mijn blad vol hebben. Eén euro is genoeg zulle. Een halve ook”. 

En omwille van de info op site. Gewoon niet onze stijl van opvoeden denk ik. Veel geschrijf over het belang van stilte. Behoorlijk katholieke vibe.  Katholiek zoals ik dat ken uit minder enthousiaste verhalen van m’n ouders.

Een school kiezen is voor ons iets intuïtief, en hoogst persoonlijk, bij gebrek aan beter. Veel kans dat De Klimop voor veel kindjes de perfecte school is.

Maar niet voor die van ons.

Freinetschool De Harp

Een school waar je als bezoekende ouder koffie krijgt, scoort bij mij meteen goede punten. En da’s niet alleen omdat ik bij tijden functioneer op sloten cafeïne only.

Een directrice of brugfiguur die prompt koffie zet is niet bang om met ouders aan tafel te zitten. Die is dat gewend volgens mij.

Dat gezegd zijnde: bij De Harp hebben ze een goeie Senseo.

Af en toe kwamen er leerlingen binnenvallen met praktische vragen of op zoek naar iets, en die zag je niet trillen op hun knieën. Die waren daar duidelijk ook welkom en vielen waarschijnlijk wel vaker met deur en al binnen. Ook al een goed teken.

De Harp is een stedelijke Freinetschool, alweer in putteke centrum. Een ‘witte’ school deze keer, waar veel kinderen zitten van ouders die in de buurt werken. De school gaf bij de afgelopen voorrangsperiode voorrang aan gok-kinderen. Het wordt misschien wel interessant om volgen of het nieuwe aanmeldingssysteem op basis van afstand thuis-school de schoolpopulatie van De Harp gaat veranderen (thesisonderwerp, iemand?).

Wat heeft De Harp nog, buiten lekkere koffie?

  • Onderbouwd en doordacht Freinetonderwijs
  • Tijd voor ouders
  • Gezellige klassen in een indrukwekkend, historisch gebouw
  • Mooie en verzorgde dagopvang, die ook echt samen lijkt te werken met de school
  • Spelend Franse les van in de kleuterklas

Wat minpunten kunnen zijn voor ons:

  • niet in onze buurt
  • ‘witte’ school: Freinetschool De Harp ligt maar 2 km verwijderd van onze voorkeursschool De Mandala, ook een Freinetschool. Maar De Harp heeft meer dan 95% niet-gok (Vlaamse dus eigenlijk) kindjes, terwijl de Mandala meer dan 95% gok-kindjes telt. Frustrerend: wij sturen El liefst naar een echt ‘gemengde’ school!
  • als veel kindjes niet in de buurt wonen wordt ‘gaan spelen’ bij schoolvriendjes misschien ook iets ingewikkelder dan in een buurtschool.

Tip voor wie 100% zeker wil zijn van een plaatsje bij De Harp: huur een appartement bij de buren!

Het Ticket

toegangsticket

Zo zien ze er dus uit, de ‘toegangstickets’! Hiermee kan je je kind dan écht gaan inschrijven. Hoe heerlijk plechtig allemaal :-)

Weet er trouwens iemand waarom dat volgnummer gegeven wordt? Betekent het verder nog iets ofzo?

(Image is van slechte kwaliteit, wordt een pak leesbaarder als je er op klikt…)

span-nend!

De eerste aanmeldingsperiode is afgelopen:  bij een heel aantal scholen kon je tot vandaag je gok of niet-gok kindje met voorrang online aanmelden. Voor sommige ouders is het eerste bange afwachten naar de uitslag dus al begonnen. Volgens de handleiding voor de scholen kiest elke school zelf of en hoeveel kinderen uit een bepaalde groep ze voorrang geven. Dat verbaasde me een beetje omdat ik dacht van verschillende schooldirecties iets anders begrepen te hebben. Weet iemand hoe dit zit?

Als je vandaag op de site gaat kijken staat daar overigens inderdaad dat de aanmeldingsperiode afgesloten is. Maar er staat nergens wanneer je dan hoe of waar bericht krijgt of je kind een toegangsticket gekregen heeft in deze ronde. (Of ik zie het alleszins nergens staan?). En ik kan nog wel inloggen, maar niet in de befaamde inbox kijken. Of checken welk e-mail adres ik ookalweer opgegeven heb. Of watdanook doen eigenlijk.

Extra spannend dus :-)

Ben ik trouwens de enige die de site voor het aanmelden nogal onhandig en knullig vindt voor een ‘officiële’ en toch wel belangrijke site …? Met de belangrijkste info in een brochure in pdf enzo? Met de uitleg van waar je naartoe moet surfen  in plaats van meteen een link te maken? Nogal huisvlijt anno 1997? Shame on you Digipolis. Alsof iemand die beter wist z’n been had moeten stijf houden tijdens de werkmeetings. Denk ik dan.

François Laurent instituut

De eerste ‘gewone’ school op ons lijstje heeft meteen een naam als een klok. Het François Laurent oftewel Laurentinstituut ligt knal middenin het centrum, met een eetzaal met zicht op de torens en een heleboel Gentse middenstandskinderen. hier kweekt men echte Gentenaars! We krijgen een uitgebreide rondleiding en uitleg en krijgen meteen het gevoel dat men hier hard werkt aan een moderne, kindvriendelijke school. Ook hier praatkringen en speelhoeken en het occasionele project, en alles wat je verder nog van een degelijke school zou verwachten. De klassen lijken ook helemaal niet op wat wij ons herinneren van ‘gewone’ schoolklassen: veel gezelliger!

Absolute pluspunten hier:

  • het sérieux dat uit hun aanpak spreekt
  • de uitgebreide en heldere communicatie naar de ouders, al vanop de site
  • de naschoolse opvang. Waarschijnlijk omdat er zoveel kinderen van zelfstandigen, winkeluitbaters,… zitten zijn er zeer ruime opvanguren en is de opvang in het dagverblijf tot in de puntjes verzorgd als verdere uitloper van de school. Kleine groepen, activiteiten, mooie ruimtes, en er wordt duidelijk moeite gedaan om de kinderen ook na de uren zich thuis te laten voelen.

Jammer dat de school best ver weg ligt in vergelijking met enkele anderen, en moeilijk bereikbaar is met de auto, want hier zouden we 100% vertrouwen in gehad hebben. “Gewone” school of niet: maakt dat eigenlijk nog veel uit?

Jenaplanschool De Feniks, aka De Acacia

Het verschil tussen De Feniks en De Acacia? Heel cru, in’t kort: De Acacia was enkele jaren geleden een “gewone” concentratieschool. Toen heeft men het Jenaplanonderwijs binnengehaald, en daarmee ook de witte kindjes. Door de zwarte kindjes uit de Acacia met mondjesmaat te mengen met de witte kindjes in de Jenaplanleefgroepen, ontstond er wat in politiek correcte kringen bekend staat als een “gezonde mix”: 70% niet-gok, 30% gok kindjes. Volgend schooljaar zou ook de laatste Acaciaklas Huysentruytgewijs en mits goed roeren toegevoegd worden aan de Jenaplangroepen. Dan wordt de Acacia/De Feniks een volledige Jenaplanschool. Vanaf volgend jaar wordt die ‘gezonde mix’ ook overgelaten aan de natuurlijke selectie die ontstaat bij het aanmelden. De Acacia heeft een voorrangsperiode ingesteld voor niet-gok. Wat onze El dus eerste keus geeft.

Wat ons heel leuk leek aan de Acacia:

  • De schijnbare chaos. De deuren staan wagenwijd open, klassen zitten door elkaar en de gangen horen bij de leslokalen. Overal zitten, liggen of rennen kinderen, meestal in kleine groepjes, druk bezig met hun projecten of gewoon aan’t spelen. Overal zijn er boeken, computers, zandtafels, knutselhoeken, portfoliomappen, speelgoed. Voor sommige mensen moet dit hell on earth zijn, maar voor El is het as close to home als een school kan komen!
  • De vrijheid en verantwoordelijkheid die kinderen er krijgen: over hun portfolio, hun weekindeling, hun onderzoek
  • Het sociale aspect: er wordt voortdurend samengewerkt
  • Instructiegroepen per niveau ipv per leeftijd. Reflectie over hun eigen kunnen, en daaruit vertrekken voor ‘beoordelingen’.

Wat zou kunnen tegenvallen:

  • De school is vrij groot, en van andere ouders kregen we het signaal dat er weinig naar hen geluisterd werd. Ouderparticipatie zou een beetje teveel éénrichtingsverkeer kunnen zijn.
  • Het dagverblijf. Weinig van gezien of gehoord, weinig samenwerking met de school daar?  Misschien nog ‘ns apart bezoeken?
  • El zou zich er geweldig kunnen amuseren, leren samenwerken en plannen, maar of hij er ook iets van leerstof opsteekt is me een groot vraagteken. In de mappen die we te zien kregen zaten vooral tekeningen. Klassen waren nu volop bezig om hun portfolio’s aan te vullen omdat die straks besproken moesten worden. Terwijl dat toch iets zou moeten zijn dat automatisch uit de lessen en activiteiten groeit. Geen goed teken.
  • niemand weet hoe de ‘sociale mix’ er de volgende schooljaren gaat uitzien.